NATUURNET
      Natuurnet
uw kennismakelaar 



terug naar inhoudsopgave

WOT-Informatievoorziening Natuur onderbouwt de rapportage over de Natura 2000-gebieden

1 okt 2014

Monitoring en evaluatie vormen een onmisbare schakel in het volgen en bijsturen van beleidsprocessen. Dat geldt ook voor Natura 2000, het Europese ecologische netwerk van beschermde gebieden. Dit netwerk draagt bij aan een ‘gunstige staat van instandhouding’ van soorten en habitattypen door te zorgen voor goede ruimte- en milieucondities . De WOT Natuur & Milieu heeft samen met Sovon Vogelonderzoek Nederland drie rapporten uitgebracht om de betekenis van Natura 2000-gebieden voor de instandhouding van soorten en habitattypen te onderbouwen.

Vogelrichtlijnsoorten
WOt-technical report 2 gaat in op de beoordeling van de betekenis van de Vogelrichtlijngebieden voor de vogelrichtlijnsoorten in de Standaard Data Forms (SDF’s). Deze SDF’s maken onderdeel uit van de database over de Natura 2000-gebieden in ons land. Het rapport beschrijft de gevolgde werkwijze om de relatieve populatieomvang, de behoudsstatus (= de mate van instandhouding van het leefgebied en herstelmogelijkheid) en de isolatie te beoordelen, en op basis daarvan een algemene (eind-)beoordeling. Per vogelsoort worden voor alle relevante Vogelrichtlijngebieden de beoordelingen (incl. de hiervoor ontwikkelde maatlatten) gepresenteerd.

Habitattypen
WOt-technical report 8 geeft een onderbouwing van de beoordeling van de betekenis van de Habitatrichtlijngebieden voor de habitattypen van Annex I van de Habitatrichtlijn. Aangegeven is op welke informatie en gegevens de beoordeling is gebaseerd. Het betreft een beoordeling van de representativiteit, de relatieve oppervlakte en de behoudsstatus (= structuur, functie en herstelmogelijkheid) van het habitattype, en op basis daarvan een algemene (eind-)beoordeling. Maatlatten zijn hiervoor ontwikkeld en gescoord voor alle habitattypen in de Habitatrichtlijngebieden.

Habitatrichtlijnsoorten
WOt-technical report 9 geeft een onderbouwing van de beoordeling van de betekenis van de Habitatrichtlijngebieden voor de habitatrichtlijnsoorten (Annex II). De beoordeling is – net als voor de vogelsoorten - gebaseerd op de relatieve populatieomvang, de kwaliteit van het leefgebied, de behoudsstatus (= de mate van instandhouding van het leefgebied en herstelmogelijkheid)), de isolatie , en op basis daarvan een algemene (eind-)beoordeling. Maatlatten zijn hiervoor ontwikkeld en gescoord voor alle habitatrichtlijnsoorten in de Habitatrichtlijngebieden.

Zoekt u een adviesbureau? Ga naar de zoekpagina  

terug naar inhoudsopgave of terug naar de homepage van het Natuurnet