NATUURNET
      Natuurnet
uw kennismakelaar 



terug naar inhoudsopgave

Natuurherstel Westerschelde in fasen

17 juni 2011

Het kabinet heeft vrijdag 17 juni 2011 een besluit genomen om het natuurherstel in de Westerschelde gefaseerd te realiseren.

Europese verplichtingen
Een flink deel van de natuur wordt in de Westerschelde zelf aangelegd, waardoor het niet meer nodig is om de Hedwigepolder in Zeeuws-Vlaanderen onder water te zetten. Met dit besluit wordt invulling gegeven aan Europese verplichtingen en tevens een onderdeel van het regeerakkoord uitgevoerd. Daarin staat dat er alternatieven worden gezocht voor het ontpolderen van de Hedwigepolder.

Buitendijks
Volgens staatssecretaris Henk Bleker van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie (EL&I) is dit een goede oplossing voor de natuur én voor Zeeland: 'Ontpoldering van de Hedwige is van de baan, want we hebben een flink deel van de opgave buitendijks kunnen vinden. En we gaan ruilgrond teruggeven aan boeren, voor de Zeeuwse landbouw.'

Inventarisatie Deltares
Bleker heeft voor het uitvoeren van dit deel van het regeerakkoord kennisinstituut Deltares een inventarisatie gevraagd van alternatieven voor ontpoldering van de Hedwigepolder. Deze ontpoldering moest 300 hectare natuurherstel opleveren zoals in internationale verplichtingen is afgesproken. Op basis van het rapport en gesprekken met de provincie Zeeland, de Europese Commissie en Vlaanderen heeft het kabinet geconcludeerd dat het mogelijk is aan de internationale verplichtingen te voldoen zonder het ontpolderen van de Hedwigepolder.

Fasen
Het kabinet neemt in drie fasen maatregelen voor het herstel van natuurwaarden in de Westerschelde. In de eerste fase worden op drie plaatsen slikken in de Westerschelde verbeterd en vergroot, wat kan oplopen tot 123 hectare. Het gaat om de Appelzak bij het Rijn-Scheldekanaal, de Slikken van Hulst en de Platen van Ossenisse. Daarmee wordt een fors deel van het natuurherstel in buitendijks gebied gerealiseerd.

In de tweede fase gaat het om het omvormen van de Schore- en Welzingepolder bij Vlissingen tot 151 hectare estuariene natuur.
Voor het resterende deel van het natuurherstel, fase drie, worden eerst de resultaten van de maatregelen in fase één en twee bekeken. Het kabinet zal vervolgens met de provincie Zeeland bekijken welke maatregelen nog nodig zijn om te voldoen aan de internationale opgave.

De eerste fase kan 2013 beginnen, de tweede fase een jaar later. Daarmee begint het natuurherstel eerder dan was voorzien bij het ontpolderingsbesluit van de Hedwigepolder. Het natuurherstel in de Westerschelde is nodig omdat de vaargeul door de Westerschelde is verdiept om de haven van Antwerpen goed bereikbaar te houden. Door de verdieping veranderen de stromingen en kalven natuurlijke slikken en schorren af.

Consultaties
Staatssecretaris Bleker heeft verschillende consultaties gehad met de provincie Zeeland, de Vlaamse minister-president en de Europese Commissie. Het kabinet wil de sociaal-economische ontwikkeling van de provincie Zeeland versterken. Zo is afgesproken om Zeeland te ondersteunen bij een toekomstige aanleg van de Westerschelde Container Terminal, bijvoorbeeld door het versnellen van ruimtelijke procedures. Op korte termijn vindt overleg plaats tussen delegaties van het Zeeuwse college van Gedeputeerde Staten en het kabinet om de sociaal economische samenwerking vorm te geven.

Verplichting tot natuurherstel
De Vlaamse minister-president is op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen die hebben geleid tot het kabinetsbesluit. Formeel overleg over de verdragsaanpassing die nodig is heeft nog niet plaatsgevonden, maar kan nu beginnen. Europees Commissaris Poto?nik voor Milieu hecht eraan dat Nederland de verplichting tot natuurherstel nakomt, dat het alternatief een wetenschappelijke basis heeft, dat de Nederlandse regering zich tot alle fasen verplicht en dat de aanvang van de werkzaamheden niet wordt vertraagd. Het kabinetsbesluit voldoet aan al die eisen. Er is afgesproken om het voorstel verder uit te werken en vervolgens aan de Europese Commissie voor te leggen.

Kosten
Fase één en twee kosten 135 miljoen euro. Omdat Nederland de Hedwigepolder niet ontpoldert, moet een dijk worden aangelegd tussen de Hedwigepolder en de door Vlaanderen te ontpolderen Prosperpolder, dat kost 15 miljoen euro. Het totaal benodigde budget voor de komende periode komt daarmee uit op 150 miljoen euro. Dit bedrag kan worden gedekt uit de gereserveerde 114 miljoen euro voor de ontpoldering van de Hedwigepolder en uit verkoop van een deel van de grond die het ministerie van EL&I in bezit heeft als vrije ruilgrond in Zeeland. Die grond zal verkocht worden voor agrarisch gebruik. Eventuele maatregelen in de derde fase worden betaald uit een reservering van 40 miljoen euro dat wordt opgebouwd in de periode 2012-2020.


Zoekt u een adviesbureau? Ga naar de zoekpagina  

terug naar inhoudsopgave of terug naar de homepage van het Natuurnet