NATUURNET
      Natuurnet
uw kennismakelaar 



terug naar inhoudsopgave

Rapport UNEP over olievervuiling Nigeria pleit Shell niet vrij

23 aug 2010

Shell wordt op geen enkele manier vrijgepleit van haar verantwoordelijkheid voor massale olievervuiling in de Niger Delta, stelt Milieudefensie in reactie op een door Shell gefinancierd onderzoek van de UNEP (het milieuprogramma van de VN), naar olielekkages in het Nigeriaanse Ogoniland, een (klein) gebied in de olierijke Niger Delta. In dat gebied zou het leeuwendeel van de lekkages volgens het voorlopige rapport door sabotage veroorzaakt zijn. Als dit al het geval zou zijn, wat Milieudefensie sterk betwijfelt, moet Shell nog steeds de gelekte olie opruimen. Iets wat de multinational op vele plekken niet of heel slecht doet.

Het rapport wordt pas in december gepubliceerd en is dus nog voorlopig, maar Milieudefensie heeft ernstige twijfels bij de betrouwbaarheid van het onderzoek, dat geheel is gebaseerd op cijfers van oliemaatschappijen en voor 100 procent is gefinancierd door Shell. Bovendien vreest Milieudefensie dat Shell het rapport zal misbruiken om zich vrij te pleiten van haar verantwoordelijkheid voor de massale lekkages die zich in de gehele delta al decennialang voordoen. De cijfers van UNEP gelden maar voor een heel klein gebied in die Delta, waar Shell bovendien vanwege de explosieve situatie al jarenlang geen toegang meer toe heeft. Ze zijn niet representatief voor de situatie in het hele gebied.

Bovendien kloppen de cijfers in het onderzoek niet met gegevens van Shell zelf. In het voorlopige rapport staat, dat de afgelopen veertig jaar slechts 10 procent van de olielekkages in Ogoniland werd veroorzaakt door slecht onderhoud en 90 procent het gevolg is van sabotage. Cijfers uit Shell's eigen jaarverslagen (1) geven echter aan dat 45 procent van alle olielekkages vanuit Shell-installaties in Nigeria tussen 1998 en 2007 niet door sabotage, maar door gebrekkig onderhoud werden veroorzaakt. Bovendien is grootschalige sabotage een betrekkelijk recent fenomeen.

UNEP-topman spreekt zichzelf tegen
Milieudefensie erkent dat er in Nigeria sabotage van olie-installaties en pijpleidingen plaatsvindt, maar niet op de schaal die de oliemaatschappijen en UNEP nu claimen. Die beweringen zijn bovendien in strijd met uitspraken die het hoofd van UNEP -Mike Cowing- in juni van dit jaar deed in een uitzending van Zembla (2). Cowing bevestigde daarin onder meer het bestaan van grootschalige, door Shell veroorzaakte vervuiling en stelde eveneens dat Shell's gedrag in Ogoniland 'onacceptabel' is.

Geert Ritsema, woordvoerder Milieudefensie: "Het is betreurenswaardig dat de Verenigde Naties in dit onderzoek alleen gegevens van de oliemaatschappijen meenemen en nog niet hebben gekeken naar andere bronnen. We hopen dat ze dat alsnog zullen doen. Verder vinden we het vooral belangrijk dat Shell de vele tonnen olie die al tientallen jaren uit haar pijpleidingen in de Niger Delta lekken, nu eindelijk eens opruimt, want daartoe is het wettelijk verplicht, sabotage of niet. Overigens is achterstallig onderhoud wel degelijk een belangrijke oorzaak voor de lekkages. De directeur van Shell Nigeria gaf onlangs in een interview met de Volkskrant nog toe dat er honderden kilometers pijplijn in de Niger Delta niet goed zijn onderhouden.”

Onderbelicht
Milieudefensie stelt ook, dat één belangrijk punt in het hele verhaal over sabotage onderbelicht blijft: dat Shell er zélf voor kiest om te blijven opereren in onveilige delen van Ogoniland, terwijl het er tegelijkertijd niet in slaagt om haar pijpleidingen en installaties afdoende te beschermen. Ritsema: “Stel je eens voor dat er in Nederland een roestige pijpleiding onbeschermd midden door een woonwijk zou lopen, en een vandaal er een gat in zou steken, waardoor de olie de voortuinen instroomt: daar zou Shell niet mee wegkomen. In Nigeria kan dat blijkbaar wel."

Zoekt u een adviesbureau? Ga naar de zoekpagina  

terug naar inhoudsopgave of terug naar de homepage van het Natuurnet