NATUURNET
      Natuurnet
uw kennismakelaar 



terug naar inhoudsopgave

Rijnlandroute stapje dichterbij

13 febr 2007

Minister Karla Peijs, gedeputeerde Martin Huls en regio-bestuurder Jos Wienen van Holland Rijnland hebben maandag 12 februari een handtekening gezet onder de intentieverklaring over de aanleg van de RijnlandRoute. Dit betekent dat de drie partijen samen gaan werken om de RijnlandRoute te realiseren. In de planstudie, die nu volgt, moet een keuze gemaakt worden tussen verschillende combinaties van de twee tracés tussen Katwijk en de A44 en twee tracés tussen de A44 en de A4.

Het tracé van de RijnlandRoute is nog niet precies bekend. Er zijn nu zeven alternatieven die nader worden bekeken. Gedeputeerde Martin Huls heeft tijdens de ondertekening aangegeven dat nog deze maand een ingenieursbureau de opdracht krijgt om de maatschappelijke kosten en baten in beeld te brengen. "Na de zomer weten we dan welk alternatief het beste bijdraagt aan een betere bereikbaarheid van de regio", aldus Huls.

RijnlandRoute
In de regio ontstaat steeds meer overeenstemming over de aanleg van een weg tussen Katwijk en Leiden (A4); de zogenaamde RijnlandRoute. Samen met de RijnGouwelijn (een light-rail verbinding tussen Gouda, Leiden en de kust) moet de RijnlandRoute de maatschappelijke en economische ontwikkeling van de regio versterken. Door de aanleg van de weg wordt de verkeersoverlast op kwetsbare plaatsen beperkt en wordt de bereikbaarheid van de regio vergroot.

Actuele informatie van de Stichting Behoud Stad, Natuur en Landschap Rijnland, dd. december 2007


De RijnlandRoute zou (t.z.v. Leiden en dwars door Voorschoten) moeten worden aangelegd voor het doorgaande verkeer van de kust naar het achterland, verkeer dat nu de bestaande route N206 door Leiden zwaar zou belasten.
Uit kentekenonderzoek van de gemeente Leiden zelf blijkt echter dat ca. 90% van alle verkeer op de bestaande route verkeer is dat in Leiden moet zijn en/of daarvandaan komt; het gaat dus niet om lange-afstandsverkeer, maar vooral om herkomst/bestemmingsverkeer.
Uit onderzoek van de provincie zelf (Verkenning RijnlandRoute) blijkt dan ook, dat de bestaande route niet ontlast wordt door de RijnlandRoute (en het minst door het voorkeurstracé dat de provincie nu gekozen heeft; zie bijlage).
Wij hebben al in 2005 voorstellen gedaan voor maatregelen die de leefbaarheid, veiligheid en doorstroming op de bestaande route veel sneller, goedkoper en effectiever kunnen bevorderen, maatregelen die so wie so moeten worden genomen, ook als de RijnlandRoute zou worden aangelegd. De belangrijkste, maar snel op te lossen bottle neck in de bestaande route wordt gevormd door de kruising met het Rijn-Schiekanaal (de Vliet). De door ons voorgestelde maatregelen (die ook steun van verkeerskundigen krijgen) worden helaas niet toegepast om de druk op de RijnlandRoute hoog te houden.

Het gaat dus om een lokaal of regionaal probleem dat in feite ook op dat schaalniveau moet worden opgelost. Dat heeft minister Eurlings ook als zodanig erkend; in een brief aan B&W van Wassenaar noemde hij de weg "ïn eerste instantie een regionaal infrastructuurproject" (zie bijlage). Toch vragen de provincie en de regio daarvoor een rijksbijdrage van honderden miljoenen (zelf dragen provincie en regio alles bij elkaar slechts iets meer dan honderd miljoen bij). De RijnlandRoute komt echter niet voor in het Programma Randstad Urgent (dat n.b. ook door de Zuid-Hollandse gedeputeerde Veldhuizen is ondertekend). Over de financiering van de RijnlandRoute is hij pas een paar dagen later (overigens zonder resultaat) met minister Eurlings gaan praten ... Minister Eurlings zal het ons inziens ten opzichte van de andere Randstadbestuurders niet kunnen maken om aan de 33 projecten van het Programma Randstad Urgent - ná ondertekening daarvan door iedereen - nog eens een 34e project toe te voegen.
Ook is de zevensprong van Verdaas nog helemaal niet toegepast op de RijnlandRoute. De provincie moet in het kader van de MKBA nu nog steeds komen met een notitie over nut en noodzaak van deze weg.

Wat betreft de effecten van de aanleg van de RijnlandRoute:
De weg zou door de bebouwde kom van Voorschoten komen te lopen en daar de sloop van tientallen woningen en bedrijven nodig maken en een ernstige aantasting het landgoed Berbice betekenen.
Voor de Leidse woonwijk de Stevenshof (waar de RijnlandRoute vlak naast komt te liggen) zou de weg een flinke toename van de luchtverontreiniging met zich mee brengen (wat zeker uit "salderingsoogpunt" des te ernstiger is, a. omdat de luchtverontreiniging op de bestaande route - ook volgens de onderzoeken die de provincie tot nu toe heeft laten uitvoeren - na aanleg van de RijnlandRoute boven de norm zal blijven en b. ook omdat de weg de Leidse agglomeratie zwaarder met autoverkeer zal belasten; daar is immers de concentratie van bestemmingen).
Dit probleem wordt nog verergerd doordat de aanleg van deze weg ook ten koste zou gaan van het openbaar vervoer en langzaam verkeer, wat eens te meer bizar is in een relatie waarin een openbaar-vervoerverbinding zal worden aangelegd (de RijnGoueweLijn-West).
Bovendien zou de aanleg van de weg met zijn aansluitingen op de A44 en A4 in Wassenaar, Voorschoten, Leiden en Zoeterwoude een aantal van de beste weidevogelgebieden uit de wijde omgeving bedreigen.

Brieven over dit onderwerp, recentelijk onder meer ook aan minister Eurlings vindt u op www.behoudrijnland.nl.

Zoekt u een adviesbureau? Ga naar de zoekpagina  

terug naar inhoudsopgave of terug naar de homepage van het Natuurnet