NATUURNET
      Natuurnet
uw kennismakelaar 



terug naar inhoudsopgave

Met de Biodiversiteitsmonitor op weg naar natuurherstel

14 jan 2019

De biodiversiteit in boerenland staat sterk onder druk. Dit geldt ook in de melkveehouderij. In juli 2017 lanceerden FrieslandCampina, Rabobank en Wereld Natuur Fonds de Biodiversiteitsmonitor Melkveehouderij om melkveehouders te stimuleren aan biodiversiteitsherstel te werken. Wat is er sinds de lancering allemaal bereikt?

De Biodiversiteitsmonitor Melkveehouderij is een nieuw instrument dat biodiversiteitsversterkende prestaties in de melkveehouderij meetbaar maakt. De monitor is ontwikkeld in samenwerking met Wageningen Universiteit en het Louis Bolk Instituut. De basis voor deze monitor vormde het conceptuele kader biodiversiteit, ontwikkeld door het Louis Bolk Instituut. In dit kader is het begrip biodiversiteit vertaald voor de melkveehouderij op basis van vier pijlers die onderling samenhangen: de functionele agrobiodiversiteit, de landschappelijke diversiteit, de diversiteit van de soorten en de regionale biodiversiteit. Deze pijlers vormen de basis voor het beoordelen en meetbaar maken van biodiversiteit. Op grond van verkennende studies hebben het Louis Bolk Instituut en Wageningen Universiteit in de Biodiversiteitsmonitor zeven kritieke prestatie-indicatoren (KPI’s) gedefinieerd. Deze meten de prestatie van melkveehouders in hun bijdrage aan biodiversiteit ten behoeve van deze pijlers: het percentage beheerd land, het percentage kruidenrijk grasland, de uitstoot van broeikasgassen, de emissie van ammoniak, het stikstofbodemoverschot, het percentage eiwit van eigen bedrijf, en het percentage blijvend grasland.

Hoe werkt de Biodiversiteitsmonitor?
Als melkveehouders de Biodiversiteitsmonitor gaan gebruiken, krijgen ze een score op deze KPI’s. Zo kan de impact van de melkveehouder op de (lokale) biodiversiteit meetbaar worden gemaakt en krijgen melkveehouders een beeld van hun prestaties. Maar de monitor helpt melkveehouders ook op weg naar betere prestaties door concrete maatregelen aan te bieden waarmee ze de biodiversiteit in hun melkveehouderij kunnen versterken. Door botanisch beheer uit te voeren op kruidenrijke graslanden kunnen boeren bijvoorbeeld werken aan een gezonde en natuurlijke voedselbron voor hun koeien én leveren ze een bijdrage aan de biodiversiteit. Deze kruidenrijke graslanden vormen immers een aantrekkelijke biotoop voor weidevogels als de grutto. Door klaver te zaaien in blijvend grasland, kunnen boeren bovendien hun stikstofgift verminderen. Klaver bindt namelijk stikstof uit de lucht. Deze stikstof komt weer vrij in de bodem en daarmee ten goede aan het gras. Zo verhogen boeren ook het percentage eiwit van eigen bedrijf.

Bekijk op de website Biodiversiteitsmonitor Melkveehouderij hoe de Biodiversiteitsmonitor in de praktijk werkt aan de hand van een prototype voor de drie fictieve gebruikers Johan, Katrien en Gerrit.

Zoekt u een adviesbureau? Ga naar de zoekpagina  

terug naar inhoudsopgave of terug naar de homepage van het Natuurnet